Kadernota: in teken van bezuinigingen
Het college heeft de z.g. kadernota geschreven en in opdracht van de voltallige raad een 'set' met mogelijke bezuinigingen aangegeven van ca.5 miljoen Euro. Daarbinnen heeft het college voor ca.3,8 miljoen Euro (de waarschijnlijke noodzaak) geadviseerd om mee aan de slag te gaan. Het college heeft een aantal 'denklijnen' geformuleerd en deze vertaald in concrete voorstellen. Dit was de basis voor de discussie in de raad van 22 juli jl. Via de website van de gemeente is deze te downloaden.
http://www.loonopzand.nl/vrijepagina.aspx?menuID=101&pageID=18 .
Voor het programma 'cultuur en sport' is het onderstaande omschreven. Dit beleidsveld treft met name onze verenigingen, instellingen, evenementen, vrijwilligers. Onderstaande 'denklijnen' zijn verder concreet gemaakt in daadwerkelijke concrete bezuiniginen (zie website gemeente) en vormden de basis voor de politieke discussie.
Programma 6 - Cultuur en sport
Omvang van de begroting 2010 € 3.577.000
Totaal voorstellen I tot en met V € 350.000
Uitgangspunt voor dit programma is dat we de sociale en fysieke infrastructuur in stand houden. Het college ziet dit als een kerntaak voor onze gemeente en wil hierin blijven investeren. Om toch de bezuinigingstaakstelling van 10% (in 2014) te bereiken, is het noodzakelijk keuzes te maken en wel op drie manieren. In de eerste plaats kiezen we er in een aantal gevallen voor om wel de infrastructuur, maar niet de activiteiten te faciliteren. Dat betekent dat bijvoorbeeld de subsidies voor schoolsportdagen en voor aangepast sporten worden beëindigd.
Ten tweede vinden we dat verenigingen en instellingen die structureel en periodiek (wekelijks) activiteiten organiseren, voorgaan op verenigingen en instellingen die slechts eenmaal per jaar een activiteit organiseren. Van een aantal subsidies in die laatste sfeer wordt voorgesteld deze te schrappen. Uitgangspunt voor ons is dat verenigingsstructuren in tact dienen te blijven. Dit uitgangspunt is leidend bij het bepalen van het percentage dat we willen korten op subsidies voor verenigingen en instellingen. Daarbij kunnen, zoals eerder aangegeven, verenigingen en instellingen
zaken slimmer, effectiever en efficiënter organiseren. Daarnaast kunnen zij hun activiteitenniveau aanpassen, zaken versoberen waar dat verantwoord is en eventuele alternatieve inkomsten verwerven.
Ten derde adviseren we het profijtbeginsel in te zetten. In veel gevallen vragen we hogere bijdragen aan gebruikers (leden en deelnemers). Deelname aan sport- of sociaal culturele activiteiten is echter een bewuste keuze. Een beperkte verhoging van de eigen bijdrage is waarschijnlijk acceptabel en haalbaar. We ontzien daarbij de kwetsbare groepen door met de DOE-pas een achtervang te creëren.
Daar waar bezuinigingsmaatregelen voor specifieke verenigingen tot onevenredige nadelige gevolgen leiden, vindt reparatie plaats. Dit geldt bijvoorbeeld voor de bezuiniging op de jeugdsportsubsidies. We stellen voor het totale budget te schrappen, maar dit voor de binnensportverenigingen te repareren via de binnensporttarieven. Reden hiervoor is dat binnensportverenigingen in tegenstelling tot de buitensportverenigingen, geen mogelijkheden hebben om inkomsten te genereren uit eigen kantine of reclameborden.
Uitgangspunt is dat we veel meer uitvoering overlaten aan instellingen en verenigingen, bedrijven en organisaties, waarbij de gemeente op onderdelen kan ondersteunen. De mate waarin we uitvoering over kunnen laten aan het veld, vergt overleg met betrokken verenigingen en instellingen. Dat geldt ook voor de nadere uitwerking van deze bezuinigingsvoorstellen. Deze voorstellen zijn vooralsnog een logische uitwerking van de gekozen uitgangspunten. In overleg met betrokken organisaties bepalen we nog of we de bezuinigingen op een andere manier kunnen dan wel moeten verdelen waarbij het uitgangspunt is dat de taakstelling op het totaal uiteraard overeind blijft. In dit programma nemen we een taakstellende bezuiniging op de organisatie op voor slimmer, effectiever en efficiënter werken. Dit kan door onder andere meer aan de verenigingen en instellingen over te laten en de (overblijvende) ondersteuning van de gemeente optimaal te organiseren.
In de bijlage vindt u:
- De vertaling van de uitgangspunten naar concrete bezuinigingen vindt u in de TABEL van bezuinigingen. Opmerking: binnen de set van 5 miljoen Euro aan potentiële bezuinigingen, is in groen aangemerkt, hetgeen het college op basis van de uitgangspunten voorstelt om wel op te bezuinigen, in geel aangemerkt hetgeen het college adviseert om NIET op te bezuinigen.
- De gehele kadernota 2011 - 2014 die het college heeft ingebracht.
En wat zijn de volgende stappen?
In september / oktober gaat de gemeente in overleg met de betrokken verenigingen en instellingen. Dit om de consequenties van de uitgangspunten en de daarbij behorende vertaling goed in kaart te brengen. Het college zal in het najaar bij de begroting 2011 - 2014 opnieuw een set met bezuinigingen voorleggen aan de commissies en raad. De consequenties worden dan zoveel als mogelijk als informatie meegegeven, alsmede de fasering over de jaren 2011- 2014.
| Bijlage | Grootte |
|---|---|
| Kadernota 2011.pdf | 126.92 KB |
| TABEL van bezuinigingen.pdf | 60.82 KB |